Description
Sint-Jans-Molenbeek (Frans: Molenbeek-Saint-Jean) of kortweg Molenbeek is een plaats en gemeente in het westen van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Sint-Jans-Molenbeek heeft zijn oostgrens aan het kanaal Charleroi-Brussel; de Maalbeek (ook wel Molenbeek) stroomt door de gemeente. De gemeente maakt de laatste jaren een stormachtige groei door en telt nu ruim 96.000 inwoners waar dit er in 2000 nog maar 71.000 waren. Molenbeek is een industrie- maar vooral een woongemeente. Haar patroonheilige is de Heilige Johannes de Doper.
De gemeente grenst met de klok mee aan Sint-Agatha-Berchem, Koekelberg, Jette, Brussel (zowel Laken als de kernstad zelf), Anderlecht en in het uiterste westen aan het Vlaams-Brabantse Dilbeek.
Geschiedenis
In pre-christelijke tijden werd een waterbron vereerd bij het gehucht aan een doorwaadbare plaats aan de Molenbeek. De Germanen plaatsten haar onder de hoede van hun godin Freya, die zich bij de kerstening van de streek transformeerde tot Sint-Geertrui. Niet toevallig was dit de dochter van de stichtster van de Abdij van Nijvel, tot wier gebied de Molenbeekse nederzetting behoorde. Op zegels en andere afbeeldingen prijst ze het heilzame water uit haar putten aan met beker in de hand. Het werd op akkers gesprenkeld om ongedierte te verdrijven en aan pelgrims aangeboden om genezing te bieden. Molenbeek werd een etappeplaats op weg naar Santiago de Compostella. Bij hun vertrek kregen de pelgrims een “Sint-Geerte-minne” te drinken voor een behouden reis en terugkeer.
In de middeleeuwen was Molenbeek een uitgestrekt landbouwdorp. De parochiegrenzen van zijn Sint-Janskerk reikten tot aan de Zenne en omvatten vanaf eind 12e eeuw een kapel gewijd aan Sint-Katharina. Deze zou door de bouw van de twee Brusselse stadsomwallingen afgesplitst raken en zich geleidelijk verzelfstandigen tot de huidige Sint-Katelijnekerk. Ook het Brusselse Begijnhof, opgericht omstreeks 1250, hing af van Molenbeek.
Later verloor Molenbeek zijn zelfstandigheid en raakte ondergeschikt aan de stad Brussel. Dit zou duren tot 1795, toen de Franse heersers overgingen tot het oprichten van gemeenten en aan Sint-Jans-Molenbeek opnieuw een eigen statuut toekenden.
Door de ligging aan het kanaal van Charleroi naar Brussel groeide Sint-Jans-Molenbeek reeds in de eerste helft van de 19e eeuw als industriële randgemeente van Brussel. Een gedeelte van de industrie, namelijk het havengebied, ging vanaf het einde van de 19e eeuw verloren doordat de stad Brussel dit gebied annexeerde.
Door het industrieel verval na de Eerste Wereldoorlog begon de ontvolking van de aan de stad Brussel grenzende wijken. Dit werd pas gecompenseerd vanaf de jaren '60 door de aanleg van nieuwe woonwijken in het toen nog landelijke westen van de gemeente. In 1990 werd deze expansie gestopt, waardoor er nog wat bos en weiden over zijn in Molenbeek: het Scheutbos.
Cultuur
In de voormalige bronsfabriek Compagnie des Bronzes de Bruxelles, operationeel van 1854 tot 1979, bevindt zich tegenwoordig het Brussels Museum voor Arbeid en Industrie. Het museum richt zich op de industriële, in combinatie met de sociale geschiedenis van het gewest, en de invloed die de industrialisatie had op de ontwikkeling van de regio.
Bezienswaardigheden
- Sint-Jan Baptistkerk, art deco (1931-1932)
- Sint-Remigiuskerk, neogotisch (1907)
- Sint-Barbarkerk (1894)
- Sint-Carolus Borromeuskerk (1917)
- Onze-Lieve Vrouw Middelareskerk (1925-1926)
- Verrijzeniskerk (1965-1966)
- Kasteelhoeve Karreveld
- Het Scheutbospark
- Het Marie-Josépark
Beschermd erfgoed
- Lijst van beschermd onroerend erfgoed in Sint-Jans-Molenbeek
Address
Molenbeek
België
Lat: 50.852199554 - Lng: 4.330327511







