Toerisme / Vervoer
Nieuw-Zeeland is een Constitutioneel Koninkrijk en een parlementaire democratie. Het land is onafhankelijk van het Verenigd Koninkrijk sinds 1 januari 1907, genaamd Dominion of New Zealand. Nieuw-Zeeland heeft een ongeschreven grondwet.
Nieuw-Zeeland is lid van het Gemenebest van Naties. Het is een Commonwealth realm met als staatshoofd Elizabeth II van Nieuw-Zeeland, die vertegenwoordigd wordt door een gouverneur-generaal, sinds 28 september 2016 is dat Patsy Reddy. De troonopvolger is Charles, Prins van Wales, Hertog van Cornwall. In Nieuw-Zeeland is de officiële titel van het staatshoofd: Her Majesty, Elizabeth the Second, By the Grace of God, Queen of New Zealand and Her other Realms and Territories, Head of the Commonwealth, Defender of the Faith (Hare Majesteit, Elizabeth de Tweede, Bij de Gratie Gods, Koningin van Nieuw-Zeeland en Haar andere Gebieden en Territoria, Hoofd van het Gemenebest, Verdediger van het Geloof).
Het land heeft een parlement bestaande uit één kamer met normaal gesproken 120 leden. Het kiesstelsel waarborgt evenredige vertegenwoordiging en dit heeft na sommige verkiezingen extra zetels tot gevolg, de zogenaamde 'overhang'. Zo telt het parlement sinds de verkiezingen van 2011 bijvoorbeeld 121 zetels. Uit het parlement wordt een kabinet van circa 20 ministers gekozen. Het parlement zetelt in de hoofdstad Wellington. Leider van dit kabinet is de premier, sinds 26 oktober 2017 is dat Jacinda Ardern van de New Zealand Labour Party. De parlementsverkiezingen vinden om de drie jaar plaats, voor het laatst op 23 september 2017.
Verder is Nieuw-Zeeland lid van de Verenigde Naties, APEC, OECD en ANZUS. Na een meningsverschil in 1985 met de Verenigde Staten over kernwapens heeft het ANZUS-verdrag wat schade opgelopen, omdat Nieuw-Zeeland tegen elke vorm van kernenergie en -wapens is.
Economie
Nieuw-Zeeland is een moderne geïndustrialiseerde natie met een vrijemarkteconomie en leunt sterk op im- en export. De belangrijkste exportproducten zijn vlees (vooral schaap en rund), zuivel (vooral roomboter en melkpoeder), fruit (vooral kiwi's en appels), vis en hout. De meeste geïmporteerde producten zijn machines, voertuigen, petroleum en elektronische apparatuur. De belangrijkste im- en exportpartners zijn Australië, de Verenigde Staten en Japan. Sterk in opkomst zijn de markten wijnbouw, filmindustrie en toerisme. In 2004 is Nieuw-Zeeland een discussie begonnen met China over vrije handel tussen die twee landen. Sinds 1980 zijn de meeste radio- en televisiestations, het telecommunicatiebedrijf, de posterijen en de spoorwegen geprivatiseerd. De inflatie van de Nieuw-Zeelandse consumenten prijs index behoort tegenwoordig tot de laagste in de geïndustrialiseerde wereld.
Energie
In 2014 produceerde het land 17 miljoen ton olie-equivalent (Mtoe), 51% fossiele en 49% duurzame energie (waterkracht en geothermie). (1Mtoe = 11,63 TWh, miljard kilowattuur). Dat was niet genoeg voor de energievoorziening, het TPES (total primary energy supply): 21 Mtoe. Het land importeerde 4,5 Mtoe fossiele brandstof meer dan het exporteerde.
Van de energie ging ongeveer 6 Mtoe verloren bij conversie, vooral bij elektriciteitsopwekking. 1,6 Mtoe werd gebruikt voor niet-energetische producten zoals smeermiddelen, asfalt en petrochemicaliën. Voor eindgebruikers resteerde 14 Mtoe waarvan 3,3 Mtoe = 38 TWh elektriciteit, die voor 73% duurzaam opgewekt werd.
De uitstoot van kooldioxide was 31 megaton, dat is 7 ton per persoon. Het wereldgemiddelde is 4,5 ton per persoon.
Flora en fauna
De Department of Conservation (DOC) is de Nieuw-Zeelandse overheidsorganisatie die zich bezighoudt met natuurbescherming en behoud van natuurlijk erfgoed. Het New Zealand Plant Conservation Network (NCPZN) is een niet-gouvernementele organisatie die zich in Nieuw-Zeeland bezighoudt met de bescherming en het herstel van de oorspronkelijke flora en hun natuurlijke habitats.
Sinds Nieuw-Zeeland zich 80 miljoen jaar geleden van Gondwanaland afscheidde, heeft zich een volledig van de rest van de wereld geïsoleerde natuur ontwikkeld. Een deel van het oppervlak is bedekt met regenwoud dat tegenwoordig voor een groot deel tot nationale parken is verklaard. Veel dieren leven in deze gebieden. Er komen vele tientallen varensoorten voor. Tetrapathea tetrandra is een plant die van nature in Nieuw-Zeeland voorkomt. De pohutukawa (Metrosideros excelsa) is een plant, die ook van nature aanwezig is in Nieuw-Zeeland en veel als sierstruik wordt aangeplant. Clianthus puniceus is een plant die in het wild met uitsterven bedreigd wordt, maar in België en Nederland bij tuincentra te koop is. In het verleden was een groot deel van het Noordereiland begroeid met kauri-bossen. Tegenwoordig zijn deze grotendeels verdwenen door houtkap. De kauri-boom kan tientallen meters hoog en duizenden jaren oud worden.
Er zijn maar twee van oorsprong inheemse landzoogdieren, beide vleermuizen, en weinig amfibieën en reptielen, die vaak levendbarend zijn. Wel is onder deze reptielen de tuatara of brughagedis, die geen verdere levende nauwe verwanten heeft, en dus binnen de reptielen een unieke plaats inneemt. Ook de vier soorten Nieuw-Zeelandse oerkikkers (Leiopelmatidae) worden wel beschouwd als levend fossiel. Omdat er zo weinig viervoeters zijn, werden en worden er in Nieuw-Zeeland veel ecologische rollen door vogels en grote insecten ingenomen. Een voorbeeld van dergelijke insecten zijn de weta's, dit zijn grote krekels die eenzelfde ecologische rol hebben als de muis. Zo waren tot in historische tijden de grote moa's belangrijke herbivoren; de aan hen verwante kiwi's zijn nog steeds actief, evenals de niet-vliegende takahe. Verder zijn er fossielen gevonden van grote roofvogels. Nieuw-Zeeland heeft drie inheemse papegaaien: de kaka, de kakapo en de kea. Aan de zuidkust van het Zuidereiland en op enkele zuidelijker gelegen eilanden komt de zeldzame geeloogpinguïn voor.
Bedreigingen
De natuur in Nieuw-Zeeland heeft ook te maken met bedreigingen. De komst van mens is hier veelal de oorzaak van. De invoer van uitheemse dieren zoals ratten, honden, katten en voskoesoes heeft ervoor gezorgd dat veel unieke vogelsoorten nu met uitsterven bedreigd worden of, zoals de moa's en de huia, al zijn uitgestorven. Er zijn naar schatting zo'n 120 uitheemse dieren 328 uitheemse planten die als ongewenst worden gezien door de Nieuw-Zeelandse overheid.
Vooral de uit Australië ingevoerde voskoesoes waarvan er anno 2005 zo'n 60 miljoen rondlopen richten enorme schade aan. Waar de voskoesoe in Australië natuurlijke vijanden heeft (en ironisch genoeg met uitsterven bedreigd wordt), kan deze soort zich in Nieuw-Zeeland ongehinderd voortplanten. De enige vijand is de auto; de platgereden voskoesoe is dan ook een veelvoorkomend verschijnsel op de Nieuw-Zeelandse wegen. Door middel van afschieten en vergiftigen van voskoesoes probeert de Nieuw-Zeelandse regering het aantal terug te dringen. Bij de diverse natuurgebieden zijn hierover informatieborden te vinden. Recreanten worden hierbij gevraagd om uit te kijken voor giftig lokaas.
In 2004 is Didymosphenia geminata aangetroffen in de Lower Waiau Rivier. Dit kiezelwier kwam voorheen enkel voor op het noordelijk halfrond. Het eencellige organisme wordt lokaal Didymo of 'rock snot' genoemd. Het overwoekert rotsbodems en kan zich eenvoudig verspreiden. Sinds 2004 heeft het zich dan ook verder verspreid over de Nieuw-Zeelandse binnenwater. Het overheidsbeleid met betrekking tot deze exoot richt zich op het voorkomen van verdere verspreiding door bij besmette wateren borden te plaatsen. Recreanten worden hierbij gevraagd om na recreatie geen water te vermengen met andere wateren. Men hanteert hiervoor het beleid van 'check, clean, dry'. Recreanten dienen hun spullen te controleren op water en zo nodig af te drogen. Als dit niet mogelijk is dienen deze spullen minimaal 48 uur te worden gedroogd.


